HvJ 21-06-1988 Commissie-Verenigd Koninkrijk 416/85

ARREST VAN HET HOF VAN 21 JUNI 1988. – COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN TEGEN VERENIGD KONINKRIJK VAN GROOT-BRITTANNIE EN NOORD-IERLAND. – BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE – TOEPASSING VAN HET NUL-TARIEF. – ZAAK 416/85.

Trefwoorden


++++

1 . BEROEP WEGENS NIET-NAKOMING – OBJECTIEF KARAKTER – INAANMERKINGNEMING VAN DOOR COMMISSIE NAGESTREEFDE DOELSTELLINGEN – UITGESLOTEN

( EEG-VERDRAG, ARTIKEL 169 )

2 . FISCALE BEPALINGEN – HARMONISATIE VAN WETGEVINGEN – OMZETBELASTING – GEMEENSCHAPPELIJK STELSEL VAN BELASTING OVER TOEGEVOEGDE WAARDE – VOORLOPIGE HANDHAVING VAN LAGERE TARIEVEN EN VRIJSTELLINGEN OM “DUIDELIJK OMSCHREVEN REDENEN VAN SOCIAAL BELANG EN TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKERS” – BEGRIP

( RICHTLIJNEN VAN DE RAAD NRS . 67/228, ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, EN 77/388, ARTIKEL 28, LID 2 )

Samenvatting


1 . EEN BEROEP WEGENS NIET-NAKOMING, DAT DOOR DE COMMISSIE KRACHTENS ARTIKEL 169 VAN HET VERDRAG WORDT INGESTELD EN WAARVAN DE OPPORTUNITEIT VOLLEDIG TE HARER BEOORDELING STAAT, HEEFT EEN OBJECTIEF KARAKTER . VOLGENS HET IN HET VERDRAG NEERGELEGDE INSTITUTIONELE EVENWICHT STAAT HET NIET AAN HET HOF TE ONDERZOEKEN WELKE DOELSTELLINGEN MET EEN DERGELIJK BEROEP WORDEN NAGESTREEFD . HET HOF IS DAARENTEGEN WEL BEVOEGD OM VAST TE STELLEN OF DE GESTELDE NIET-NAKOMING VOORHANDEN IS .

2 . HET BEPALEN VAN DE “DUIDELIJK OMSCHREVEN REDENEN VAN SOCIAAL BELANG” WAAROM KRACHTENS ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, VAN DE TWEEDE RICHTLIJN EN ARTIKEL 28, LID 2, VAN DE ZESDE RICHTLIJN BEPAALDE LAGERE TARIEVEN EN VRIJSTELLINGEN VAN DE BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE VOORLOPIG KUNNEN WORDEN GEHANDHAAFD, IS IN BEGINSEL EEN KWESTIE VAN POLITIEKE KEUZE VAN DE LID-STATEN EN KAN SLECHTS AAN COMMUNAUTAIRE TOETSING WORDEN ONDERWORPEN, VOOR ZOVER HET DOOR ONEIGENLIJK GEBRUIK VAN DAT BEGRIP LEIDT TOT MAATREGELEN DIE QUA GEVOLGEN EN WERKELIJKE DOELSTELLINGEN BUITEN HET KADER VAN DAT BEGRIP VALLEN .

DAAR IN HET ALGEMENE STELSEL VAN BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE DE EINDVERBRUIKER DEGENE IS DIE EEN GOED OF EEN DIENST VERWERFT VOOR PERSOONLIJK GEBRUIK, NIET ZIJNDE EEN ECONOMISCHE ACTIVITEIT, EN UIT DIEN HOOFDE DE BELASTING DRAAGT, MOET DE TWEEDE VOORWAARDE DIE IN GENOEMDE BEPALINGEN WORDT GESTELD VOOR DE HANDHAVING VAN BEPAALDE LAGERE TARIEVEN EN VRIJSTELLINGEN, TE WETEN DAT DIE VOORDELEN WORDEN VERLEEND “TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKERS”, GELET OP HET SOCIALE DOEL VAN ARTIKEL 17 ALDUS WORDEN BEGREPEN, DAT DE BEGUNSTIGDE DE VRIJGESTELDE GOEDEREN EN DIENSTEN NIET MAG AANWENDEN IN HET KADER VAN EEN ECONOMISCHE ACTIVITEIT . PRESTATIES DIE ZIJN VERRICHT IN EEN ANDERE FASE VAN DE PRODUKTIEKETEN DIE NOG ZO DICHT BIJ DE VERBRUIKERS LIGT DAT DEZE ER VOORDEEL UIT KUNNEN HALEN, MOETEN EVENEENS WORDEN GEACHT TEN BEHOEVE VAN DE ALDUS OMSCHREVEN EINDVERBRUIKERS TE ZIJN VERRICHT .

Partijen


IN ZAAK 416/85,

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, VERTEGENWOORDIGD DOOR HAAR JURIDISCH ADVISEUR D . R . GILMOUR ALS GEMACHTIGDE, DOMICILIE GEKOZEN HEBBENDE TE LUXEMBURG BIJ G . KREMLIS, LID VAN HAAR JURIDISCHE DIENST, BATIMENT JEAN MONNET, KIRCHBERG,

VERZOEKSTER,

TEGEN

VERENIGD KONINKRIJK VAN GROOT-BRITTANNIE EN NOORD-IERLAND, VERTEGENWOORDIGD DOOR S . J . HAY VAN DE TREASURY SOLICITOR’ S DEPARTMENT ALS GEMACHTIGDE, BIJGESTAAN DOOR D . VAUGHAN QC, DOMICILIE GEKOZEN HEBBENDE TE LUXEMBURG TER BRITSE AMBASSADE, 28, BOULEVARD ROYAL,

VERWEERDER,

BETREFFENDE EEN VERZOEK OM VAST TE STELLEN DAT HET VERENIGD KONINKRIJK, DOOR VOOR DE BTW EEN NULTARIEF TOE TE PASSEN OP BEPAALDE CATEGORIEEN GOEDEREN EN DIENSTEN, DE VERPLICHTINGEN NIET IS NAGEKOMEN, DIE OP HEM RUSTEN KRACHTENS ARTIKEL 28, LID 2, VAN DE ZESDE RICHTLIJN ( 77/388/EEG ) VAN DE RAAD VAN 17 MEI 1977 BETREFFENDE DE HARMONISATIE VAN DE WETGEVINGEN DER LID-STATEN INZAKE OMZETBELASTING – GEMEENSCHAPPELIJK STELSEL VAN BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE : UNIFORME GRONDSLAG ( PB 1977, L 145, BLZ . 1 ),

WIJST

HET HOF VAN JUSTITIE,

SAMENGESTELD ALS VOLGT : MACKENZIE STUART, PRESIDENT, G . BOSCO, O . DUE, J . C . MOITINHO DE ALMEIDA EN G . C . RODRIGUEZ IGLESIAS, KAMERPRESIDENTEN, T . KOOPMANS, U . EVERLING, K . BAHLMANN, Y . GALMOT, C . KAKOURIS, R . JOLIET, T . F . O’ HIGGINS EN F . SCHOCKWEILER, RECHTERS,

ADVOCAAT-GENERAAL : M . DARMON

GRIFFIER : H . A . ROEHL, HOOFDADMINISTRATEUR

GEZIEN HET RAPPORT TER TERECHTZITTING EN TEN VERVOLGE OP DE MONDELINGE BEHANDELING OP 15 SEPTEMBER 1987,

GEHOORD DE CONCLUSIE VAN DE ADVOCAAT-GENERAAL TER TERECHTZITTING VAN 2 DECEMBER 1987,

HET NAVOLGENDE

ARREST

Overwegingen van het arrest


1 BIJ VERZOEKSCHRIFT NEERGELEGD TER GRIFFIE VAN HET HOF OP 13 DECEMBER 1985, HEEFT DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN KRACHTENS ARTIKEL 169 EEG-VERDRAG HET HOF VERZOCHT VAST TE STELLEN DAT HET VERENIGD KONINKRIJK VAN GROOT-BRITTANNIE EN NOORD-IERLAND, DOOR DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF VAN DE BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE TE HANDHAVEN VOOR BEPAALDE CATEGORIEEN GOEDEREN EN DIENSTEN, INBREUK HEEFT GEMAAKT OP RICHTLIJN 77/388/EEG VAN DE RAAD VAN 17 MEI 1977 BETREFFENDE DE HARMONISATIE VAN DE WETGEVINGEN DER LID-STATEN INZAKE OMZETBELASTING – GEMEENSCHAPPELIJK STELSEL VAN BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE : UNIFORME GRONDSLAG ( PB 1977, L 145, BLZ . 1 ) ( HIERNA : DE ZESDE RICHTLIJN ) EN BIJGEVOLG DE KRACHTENS HET EEG-VERDRAG OP HEM RUSTENDE VERPLICHTINGEN NIET IS NAGEKOMEN .

2 ARTIKEL 28 VAN DE ZESDE RICHTLIJN BEVAT OVERGANGSBEPALINGEN OM DE NATIONALE WETGEVINGEN OP BEPAALDE TERREINEN GELEIDELIJK AAN ELKAAR TE KUNNEN AANPASSEN . ARTIKEL 28, LID 2, BEPAALT :

” DE OP 31 DECEMBER 1975 BESTAANDE LAGERE TARIEVEN EN VRIJSTELLINGEN MET TERUGGAAF VAN VOORBELASTING, DIE VOLDOEN AAN DE CRITERIA WELKE WORDEN GENOEMD IN HET LAATSTE STREEPJE VAN ARTIKEL 17 VAN DE TWEEDE RICHTLIJN VAN DE RAAD VAN 11 APRIL 1967 KUNNEN WORDEN GEHANDHAAFD TOT EEN DOOR DE RAAD OP VOORSTEL VAN DE COMMISSIE MET EENPARIGHEID VAN STEMMEN VAST TE STELLEN DATUM, WELKE ECHTER NIET LATER MAG LIGGEN DAN DIE VAN DE AFSCHAFFING VAN HET BELASTEN BIJ INVOER EN HET ONTLASTEN BIJ UITVOER IN HET HANDELSVERKEER TUSSEN DE LID-STATEN . DE LID-STATEN TREFFEN DE NODIGE VOORZIENINGEN OM TE VERZEKEREN DAT DE BELASTINGPLICHTIGEN DE GEGEVENS VERSTREKKEN DIE NODIG ZIJN VOOR DE VASTSTELLING VAN DE EIGEN MIDDELEN DIE BETREKKING HEBBEN OP DEZE HANDELINGEN .

OM DE VIJF JAAR BEZIET DE RAAD OP GROND VAN EEN VERSLAG VAN DE COMMISSIE DE HIERBOVEN BEDOELDE VERLAAGDE TARIEVEN EN VRIJSTELLINGEN OPNIEUW EN STELT HIJ, IN VOORKOMEND GEVAL, OP VOORSTEL VAN DE COMMISSIE MET EENPARIGHEID VAN STEMMEN DE NODIGE MAATREGELEN VAST OM DEZE GELEIDELIJK AF TE SCHAFFEN .”

3 INGEVOLGE ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, VAN RICHTLIJN 67/228/EEG VAN DE RAAD VAN 11 APRIL 1967 BETREFFENDE DE HARMONISATIE VAN DE WETGEVINGEN DER LID-STATEN INZAKE OMZETBELASTING – STRUCTUUR EN WIJZE VAN TOEPASSING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK STELSEL VAN BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE ( PB 1967, BLZ . 1303 ) ( HIERNA : DE TWEEDE RICHTLIJN ), WAARNAAR ARTIKEL 28 VAN DE ZESDE RICHTLIJN VERWIJST, HEBBEN DE LID-STATEN DE BEVOEGDHEID :

” TOT AAN DE AFSCHAFFING VAN HET BELASTEN BIJ INVOER EN HET ONTLASTEN BIJ UITVOER IN HET HANDELSVERKEER TUSSEN DE LID-STATEN, OM DUIDELIJK OMSCHREVEN REDENEN VAN SOCIAAL BELANG EN TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKERS, LAGERE TARIEVEN OF ZELFS VRIJSTELLINGEN VAST TE STELLEN MET EVENTUELE TERUGGAAF VAN DE IN DE VORIGE FASE GEHEVEN BELASTINGEN, VOOR ZOVER HET TOTALE EFFECT VAN DEZE MAATREGELEN NIET GROTER IS DAN HET EFFECT VAN DE IN DE HUIDIGE REGELING TOEGEPASTE BELASTINGVERLICHTINGEN .”

4 OP GROND VAN ARTIKEL 28, LID 2, VAN DE ZESDE RICHTLIJN HEEFT HET VERENIGD KONINKRIJK EEN STELSEL VAN ZOGENOEMDE “NULTARIEVEN” GEHANDHAAFD . AANVANKELIJK BEVATTE BIJLAGE 4 BIJ DE FINANCE ACT 1972 EEN LIJST VAN ZEVENTIEN CATEGORIEEN GOEDEREN EN DIENSTEN WAARVOOR HET NULTARIEF GOLD . DEZE LIJST IS LATER BIJNA INTEGRAAL OVERGENOMEN IN BIJLAGE 5 BIJ DE VALUE ADDED TAX ACT 1983 .

5 VAN OORDEEL DAT SOMMIGE NULTARIEVEN WAARIN DE BRITSE WETTELIJKE REGELING VOORZAG, NIET VOLDEDEN AAN DE CRITERIA VAN ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, VAN DE TWEEDE RICHTLIJN, VERZOCHT DE COMMISSIE HET VERENIGD KONINKRIJK BIJ BRIEF VAN 19 OKTOBER 1981 OM ZIJN OPMERKINGEN TE MAKEN OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 169, EERSTE ALINEA, EEG-VERDRAG .

6 OMDAT HET VERENIGD KONINKRIJK NIET ERKENDE, DAT HET DE KRACHTENS HET VERDRAG OP HEM RUSTENDE VERPLICHTINGEN NIET WAS NAGEKOMEN, BRACHT DE COMMISSIE OP 4 SEPTEMBER 1984 EEN MET REDENEN OMKLEED ADVIES UIT . DAAR HET VERENIGD KONINKRIJK DIT ADVIES NIET OPVOLGDE, STELDE DE COMMISSIE HET ONDERHAVIGE BEROEP IN .

7 VOOR EEN NADERE UITEENZETTING VAN DE FEITEN, HET PROCESVERLOOP EN DE MIDDELEN EN ARGUMENTEN VAN PARTIJEN WORDT VERWEZEN NAAR HET RAPPORT TER TERECHTZITTING . DEZE ELEMENTEN VAN HET DOSSIER WORDEN HIERNA SLECHTS WEERGEGEVEN VOOR ZOVER DAT NOODZAKELIJK IS VOOR DE REDENERING VAN HET HOF .

DE BEVOEGDHEID VAN HET HOF

8 VOLGENS HET VERENIGD KONINKRIJK IS HET BEROEP VAN DE COMMISSIE INGEGEVEN DOOR EEN BELEIDSOVERWEGING EN IS EEN DERGELIJKE OVERWEGING GEEN GOEDE GROND VOOR HET INLEIDEN VAN EEN PROCEDURE KRACHTENS ARTIKEL 169 EEG-VERDRAG . HET BEROEP VAN DE COMMISSIE IS IN FEITE EROP GERICHT LANGS RECHTERLIJKE WEG EEN DOEL TE BEREIKEN DAT SLECHTS DOOR EEN BESLUIT VAN DE GEMEENSCHAPSWETGEVER KAN WORDEN VERWEZENLIJKT . UIT HAAR REPLIEK BLIJKT IMMERS, DAT DE COMMISSIE DIT BEROEP HEEFT INGESTELD TER OMZEILING VAN DE PROCEDURELE VOORSCHRIFTEN VAN ARTIKEL 28 VAN DE ZESDE RICHTLIJN, KRACHTENS HETWELK HET AAN DE RAAD STAAT OM MET EENPARIGHEID VAN STEMMEN DE DOOR DIT ARTIKEL TOEGESTANE VRIJSTELLINGEN AF TE SCHAFFEN . HET IS VOLGENS HET VERENIGD KONINKRIJK DAN OOK NIET DE TAAK VAN HET HOF OM “IN DE PLAATS TE TREDEN VAN DE IN ARTIKEL 28 VAN DE ZESDE RICHTLIJN VOORZIENE POLITIEKE PROCEDURES EN OM DE DOOR DAT ARTIKEL BEOOGDE GELEIDELIJKE AANPASSING TE VERVANGEN DOOR EEN ONMIDDELLIJKE VERPLICHTING VOOR EEN LID-STAAT “.

9 DIT BETOOG KAN NIET WORDEN AANVAARD . VOLGENS HET IN HET VERDRAG NEERGELEGDE INSTITUTIONEEL EVENWICHT STAAT HET NIET AAN HET HOF TE ONDERZOEKEN MET WELKE OOGMERKEN EEN BEROEP KRACHTENS ARTIKEL 169 IS INGESTELD . DE TAAK VAN HET HOF BESTAAT ERIN VAST TE STELLEN OF DE BETROKKEN LID-STAAT ZICH SCHULDIG HEEFT GEMAAKT AAN DE GESTELDE NIET-NAKOMING VAN ZIJN VERPLICHTINGEN . GELIJK HET HOF IN HET ARREST VAN 10 DECEMBER 1968 ( ZAAK 7/68, COMMISSIE/ITALIE, JURISPR . 1968, BLZ . 590 ) OVERWOOG, HEEFT EEN BEROEP WEGENS NIET-NAKOMING EEN OBJECTIEF KARAKTER EN STAAT DE INSTELLING ERVAN VOLLEDIG TER BEOORDELING VAN DE COMMISSIE .

TEN GRONDE

10 ALLEREERST ZIJ OPGEMERKT, DAT DE COMMISSIE NIET OPKOMT TEGEN HET PRINCIPE ZELF VAN DE TOEPASSING VAN NULTARIEVEN; ZIJ ACHT EEN DERGELIJKE REGELING IN WEZEN GELIJKWAARDIG AAN HET IN ARTIKEL 28 VAN DE ZESDE RICHTLIJN BEDOELDE STELSEL VAN VRIJSTELLINGEN; DIT WORDT MET ZOVEEL WOORDEN GEZEGD IN HAAR OP 29 JUNI 1973 BIJ DE RAAD INGEDIENDE VOORSTEL VOOR EEN ZESDE RICHTLIJN . ZIJ BETOOGT EVENWEL, DAT MET BETREKKING TOT BEPAALDE CATEGORIEEN GOEDEREN EN DIENSTEN DIE IN BIJLAGE 5 BIJ DE VALUE ADDED TAX ACT 1983 WORDEN GENOEMD, NIET IS VOLDAAN AAN DE VOORWAARDEN GESTELD IN ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, VAN DE TWEEDE RICHTLIJN, VOLGENS HETWELK VRIJSTELLING SLECHTS MAG WORDEN VERLEEND OM “DUIDELIJK OMSCHREVEN REDENEN VAN SOCIAAL BELANG EN TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKERS “.

11 BIJGEVOLG MOET WORDEN NAGEGAAN OF DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF OP DE BETROKKEN GOEDEREN EN DIENSTEN VOLDOET AAN DE VOORWAARDEN VAN GENOEMDE BEPALINGEN .

HET BEGRIP “DUIDELIJK OMSCHREVEN REDENEN VAN SOCIAAL BELANG”

12 MET BETREKKING TOT DE EERSTE VOORWAARDE, TE WETEN DAT VRIJSTELLING ENKEL MAG WORDEN VERLEEND OM DUIDELIJK OMSCHREVEN REDENEN VAN SOCIAAL BELANG, ZIJN PARTIJEN HET EROVER EENS, DAT DE LID-STATEN VOOR DE BEPALING VAN HUN SOCIAAL BELEID OVER EEN DISCRETIONAIRE BEVOEGDHEID BESCHIKKEN . ZIJ ERKENNEN EVENWEL DAT DE UITOEFENING VAN DEZE DISCRETIONAIRE BEVOEGDHEID AAN COMMUNAUTAIRE TOETSING KAN WORDEN ONDERWORPEN .

13 HET VERENIGD KONINKRIJK ERKENT MET NAME, DAT DE COMMISSIE EEN BEPAALDE MAATREGEL KAN AANVECHTEN, WANNEER DE REDEN VAN SOCIAAL BELANG NIET KAN WORDEN GEACHT VOLDOENDE DUIDELIJK TE ZIJN OMSCHREVEN, WANNEER DE AANGEVOERDE REDEN VAN SOCIAAL BELANG DE MAATREGEL NIET KAN RECHTVAARDIGEN OF WANNEER DE MAATREGEL BUITEN ALLE PROPORTIE IS . DE COMMISSIE VERKLAART, DAT HAARS INZIENS DOOR REDENEN VAN SOCIAAL BELANG ZIJN INGEGEVEN MAATREGELEN DIE PRIMAIR MET HET OOG OP ALGEMENE SOCIALE DOELSTELLINGEN EN NIET IN HOOFDZAAK OM INDUSTRIELE, SECTORIELE OF FISCALE REDENEN ZIJN VASTGESTELD; ZIJ GEEFT EVENWEL TOE, DAT ZIJ IN HET KADER VAN HET SOCIAAL BELEID VAN EEN LID-STAAT GENOMEN MAATREGELEN SLECHTS KAN AANVECHTEN, WANNEER KAN WORDEN AANGETOOND, DAT DAT SOCIAAL BELEID NIET DUIDELIJK GENOEG IS OMSCHREVEN OF DAT DE BETROKKEN MAATREGELEN NIET GERECHTVAARDIGD ZIJN DOOR OF NIET IN VERHOUDING STAAN TOT DE AANGEVOERDE REDENEN VAN SOCIAAL BELANG .

14 WAT ALS REDEN VAN SOCIAAL BELANG WORDT AANGEMERKT, IS IN BEGINSEL EEN KWESTIE VAN POLITIEKE KEUZE VAN DE LID-STATEN EN COMMUNAUTAIRE TOETSING VAN DEZE KEUZE IS SLECHTS MOGELIJK VOOR ZOVER DIE KEUZE DOOR EEN ONEIGENLIJK GEBRUIK VAN DAT BEGRIP LEIDT TOT MAATREGELEN DIE QUA GEVOLGEN EN WERKELIJKE DOELSTELLINGEN BUITEN HET KADER VAN DAT BEGRIP VALLEN .

HET BEGRIP “TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKERS”

15 DE COMMISSIE BESCHOUWT ALS “EINDVERBRUIKERS” AL DEGENEN DIE ZICH AAN HET EINDE VAN DE PRODUKTIE – EN HANDELSKETEN BEVINDEN EN DE BTW NIET MOGEN AFTREKKEN, DAT WIL ZEGGEN NIET-BELASTINGPLICHTIGEN .

16 VOLGENS HET VERENIGD KONINKRIJK WIJST NIETS IN HET ALGEMENE BTW-STELSEL EROP DAT DE TERM “EINDVERBRUIKER” EN DE TERM “NIET-BELASTINGPLICHTIGE” ALS SYNONIEM MOGEN WORDEN OPGEVAT . INTEGENDEEL : ALS EINDVERBRUIKER MOET WORDEN AANGEMERKT DE NATUURLIJKE PERSOON OF RECHTSPERSOON DIE ZICH AAN HET EINDE VAN DE PRODUKTIE – OF DISTRIBUTIEKETEN VOOR EEN BEPAALD PRODUKT OF EEN BEPAALDE DIENST BEVINDT, OOK AL WORDT DAT PRODUKT OF DIE DIENST GEBRUIKT VOOR DE VERVAARDIGING VAN ANDERE PRODUKTEN OF VOOR DE VERLENING VAN ANDERE DIENSTEN EN ONGEACHT OF DE BETROKKENE BELASTINGPLICHTIG IS OF NIET .

17 IN HET ALGEMENE STELSEL VAN DE BTW IS EINDVERBRUIKER DEGENE DIE EEN GOED OF DIENST VERWERFT VOOR PERSOONLIJK GEBRUIK, NIET ZIJNDE EEN ECONOMISCHE ACTIVITEIT, EN UIT DIEN HOOFDE DE BELASTING DRAAGT . GEZIEN HET SOCIALE DOEL VAN ARTIKEL 17, KAN HET BEGRIP EINDVERBRUIKER DAN OOK ENKEL SLAAN OP DEGENE DIE DE VRIJGESTELDE GOEDEREN OF DIENSTEN NIET GEBRUIKT IN HET KADER VAN EEN ECONOMISCHE ACTIVITEIT . OOK DE LEVERING VAN GOEDEREN EN DIENSTEN IN EEN EERDER STADIUM VAN DE PRODUKTIE – OF DISTRIBUTIEKETEN, DAT EVENWEL NOG ZO DICHT BIJ DE VERBRUIKER LIGT DAT DEZE UIT DE LEVERING ENIG VOORDEEL KAN HALEN, MOET DUS WORDEN GEACHT TEN BEHOEVE VAN DE ALDUS OMSCHREVEN EINDVERBRUIKER TE ZIJN VERRICHT .

DE OMSTREDEN NULTARIEVEN

A – GROEP 1 – VOEDSEL (( 2 ) DIERVOEDER; 3 ) ZAAD OF ANDER TEELGOED VOOR PLANTEN, VALLENDE ONDER POST 1 OF 2; 4 ) LEVENDE DIEREN VAN HET SOORT DAT IN HET ALGEMEEN WORDT GEBRUIKT ALS VOEDSEL VOOR DE MENS OF DAT DERGELIJK VOEDSEL VOORTBRENGT OF PRODUCEERT ))

18 DE COMMISSIE STELT IN HOOFDZAAK, DAT DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF OP DEZE PRODUKTEN NIET VOLDOET AAN DE TWEEDE VOORWAARDE VAN ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, VAN DE TWEEDE RICHTLIJN . DE OP DEZE PRODUKTEN BETREKKING HEBBENDE TRANSACTIES ZIJN ZO VER VERWIJDERD VAN DE AFGEWERKTE LEVENSMIDDELEN WAARVOOR HET NULTARIEF GELDT, DAT NIET KAN WORDEN GEZEGD DAT ZIJ TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKER ZIJN VERRICHT .

19 VOLGENS HET VERENIGD KONINKRIJK LEIDT EEN POSITIEF BTW-TARIEF VOOR DE BETROKKEN PRODUKTEN TOT EEN VERHOGING VAN DE VOEDSELPRIJZEN EN BRENGT HET DAARDOOR DE VERWEZENLIJKING VAN DE DOOR HEM NAGESTREEFDE SOCIALE DOELEINDEN IN GEVAAR . VERDER BETWIST HET HET ARGUMENT VAN DE COMMISSIE ALS ZOU DE AFSTAND TOT DE EINDPRODUKTEN TE GROOT ZIJN .

20 DE BETROKKEN LEVERINGEN DRAGEN ALLE BIJ TOT DE PRODUKTIE VAN STOFFEN DIE BESTEMD ZIJN VOOR MENSELIJKE CONSUMPTIE EN STAAN ZO DICHT BIJ DE EINDVERBRUIKERS DAT ZIJ DEZEN TEN GOEDE KOMEN . BOVENDIEN MAG NIET UIT HET OOG WORDEN VERLOREN, DAT HET HEFFEN VAN BELASTING OVER DE BETROKKEN PRODUKTEN NEGATIEVE GEVOLGEN HEEFT VOOR DE VOEDSELPRIJZEN, WAARVAN DE VERHOGINGEN BIJZONDER VOELBAAR ZIJN VOOR DE EINDVERBRUIKER, DIE ZELF VAN EEN NULTARIEF PROFITEERT .

21 MET BETREKKING TOT DEZE CATEGORIE PRODUKTEN IS DERHALVE NIET AANGETOOND, DAT HET VERENIGD KONINKRIJK ZIJN VERPLICHTINGEN NIET IS NAGEKOMEN .

B – GROEP 2 – DIENSTEN OP HET GEBIED VAN DE RIOLERING EN DE LEVERING VAN WATER

22 DE KRITIEK VAN DE COMMISSIE RICHT ZICH ENERZIJDS OP DE DIENSTEN BETREFFENDE HET LEGEN VAN BEERPUTTEN EN SEPTIC TANKS VERRICHT TEN BEHOEVE VAN DE INDUSTRIE OP PLAATSEN WAAR EEN CENTRAAL RIOLERINGSNET ONTBREEKT, EN ANDERZIJDS OP DE LEVERING VAN WATER AAN DE INDUSTRIE .

23 IN GEEN VAN BEIDE GEVALLEN KUNNEN DE BETROKKEN PRESTATIES WORDEN GEACHT AAN DE TWEEDE VOORWAARDE VAN ARTIKEL 17 TE VOLDOEN, DAAR DE INDUSTRIE NIET ALS EINDVERBRUIKER KAN WORDEN BESCHOUWD .

24 MET BETREKKING TOT DE LEVERING VAN WATER AAN DE INDUSTRIE HEEFT HET VERENIGD KONINKRIJK OPGEMERKT, DAT DERGELIJKE LEVERINGEN IN EEN ANDERE LID-STAAT ZIJN VRIJGESTELD . DE COMMISSIE HEEFT IN DE LOOP VAN DE PROCEDURE UITEENGEZET, DAT DIE VRIJSTELLING BERUST OP ARTIKEL 28, LID 3, SUB B, VAN DE ZESDE RICHTLIJN, VOLGENS HETWELK DE LID-STATEN GEDURENDE DE OVERGANGSPERIODE DE HANDELINGEN GENOEMD IN BIJLAGE F, IN CASU “DE WATERDISTRIBUTIE DOOR PUBLIEKRECHTELIJKE DIENSTEN”, KUNNEN BLIJVEN VRIJSTELLEN . HET VERENIGD KONINKRIJK HEEFT ZICH OVERIGENS NIET OP DIE BEPALING BEROEPEN .

25 MET BETREKKING TOT DEZE PRODUKTEN EN DIENSTEN STAAT DUS VAST, DAT HET VERENIGD KONINKRIJK ZIJN VERPLICHTINGEN NIET IS NAGEKOMEN .

C – GROEP 6 – DIENSTEN OP HET GEBIED VAN DE NIEUWSVOORZIENING VERRICHT TEN BEHOEVE VAN BEPAALDE ONDERNEMINGEN

26 DE BEZWAREN VAN DE COMMISSIE BETREFFEN HET VERRICHTEN VAN DIENSTEN OP HET GEBIED VAN DE NIEUWSVOORZIENING TEN BEHOEVE VAN ONDERNEMINGEN ZOALS BANKEN OF VERZEKERINGSMAATSCHAPPIJEN, DIE ZELF DIENSTEN VERLENEN WAARVOOR GEEN NULTARIEF GELDT .

27 HET VERENIGD KONINKRIJK BETOOGT, DAT DE BETROKKEN DIENSTEN ALS “NEVENVOORDELEN” KUNNEN WORDEN BESCHOUWD EN DAT DE INTRINSIEKE KENMERKEN VAN NIEUWSDIENSTEN DEZELFDE BLIJVEN, ONGEACHT OF DE DIENST AAN EEN BANK WORDT VERLEEND DAN WEL AAN EEN KRANT, DIE WEL HET NULTARIEF GENIET .

28 AFGEZIEN VAN HET FEIT, DAT EEN NEVENVOORDEEL ALS DOOR HET VERENIGD KONINKRIJK BEDOELD, NIET VALT ONDER HET BEGRIP VOORDEEL TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKER IN DE ZIN VAN ARTIKEL 28 VAN DE ZESDE RICHTLIJN, IS IN CASU OOK NIET VOLDAAN AAN DE TWEEDE VOORWAARDE VAN ARTIKEL 17 VAN DE TWEEDE RICHTLIJN, DAAR DE ONDERNEMINGEN AAN WIE DE BETROKKEN NIEUWSDIENSTEN WORDEN VERLEEND, ZOALS BANKEN EN VERZEKERINGSMAATSCHAPPIJEN, NIET ALS EINDVERBRUIKERS KUNNEN WORDEN AANGEMERKT .

29 MET BETREKKING TOT DEZE DIENSTEN IS DE NIET-NAKOMING DUS KOMEN VAST TE STAAN .

D – GROEP 7 – BRANDSTOF EN ENERGIE ( KOLEN, COKES, KOLENGAS, WATERGAS, PETROLEUMGASSEN, STOOKOLIE, GASOLIE, ELEKTRICITEIT ENZ .)

30 DE COMMISSIE KOMT OP TEGEN DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF OP DE LEVERING VAN BRANDSTOF EN ENERGIE AAN ANDEREN DAN EINDVERBRUIKERS .

31 IN ZIJN VERWEER BEROEPT HET VERENIGD KONINKRIJK ZICH IN HOOFDZAAK OP DE NEGATIEVE SOCIALE GEVOLGEN VAN EEN BELASTING OP DE LEVERING VAN BRANDSTOF EN ENERGIE AAN MET NAME SCHOLEN EN ZIEKENHUIZEN .

32 ZONDER AFBREUK TE WILLEN DOEN AAN DE SOCIALE DOELSTELLINGEN DIE AAN DIT BELEID TEN GRONDSLAG LIGGEN, DIENT EROP TE WORDEN GEWEZEN, DAT DE ONDERHAVIGE LEVERINGEN NIET KUNNEN WORDEN GEACHT TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKER TE WORDEN VERRICHT, DAAR EINDVERBRUIKERS IN DE ZIN VAN DE HIERVOREN GEGEVEN DEFINITIE, SLECHTS ZEER INDIRECT VAN DIT NULTARIEF PROFITEREN . DEZE LEVERINGEN VOLDOEN DUS NIET AAN DE TWEEDE VOORWAARDE VAN ARTIKEL 17 VAN DE TWEEDE RICHTLIJN .

33 MET BETREKKING TOT HET SUBSIDIAIRE ARGUMENT VAN HET VERENIGD KONINKRIJK, ALS ZOU DE BEPERKING VAN HET NULTARIEF TOT LEVERINGEN AAN EINDVERBRUIKERS WELLICHT TOT ONOVERKOMELIJKE MOEILIJKHEDEN BIJ DE TOEPASSING VAN DE BELASTING LEIDEN, MOET WORDEN OPGEMERKT, DAT EEN LID-STAAT DIE VAN DE BETROKKEN AFWIJKINGEN GEBRUIK WENST TE MAKEN, ALLE CONCRETE MAATREGELEN MOET NEMEN DIE NODIG ZIJN VOOR EEN JUISTE TOEPASSING VAN DIE BEPALINGEN . INDIEN HIJ MEENT DAT DERGELIJKE MAATREGELEN NIET UIT TE VOEREN ZIJN, MOET HIJ VAN DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF AFZIEN .

34 BIJGEVOLG IS AANGETOOND DAT HET VERENIGD KONINKRIJK OP DIT PUNT ZIJN VERPLICHTINGEN NIET IS NAGEKOMEN .

E – GROEP 8 – HET OPTREKKEN VAN GEBOUWEN ( DIT OMVAT MET NAME : DE EERSTE OVERDRACHT VAN NIEUWE GEBOUWEN, DE DIENSTEN VERRICHT DOOR EEN AANNEMER DIE EEN NIEUW GEBOUW OPTREKT VOOR DE EIGENAAR VAN DE BOUWGROND, HET OPTREKKEN VAN BEDRIJFSGEBOUWEN, WEG – EN WATERBOUWKUNDIGE WERKEN, DE AANLEG VAN WEGEN, SPOORWEGEN EN LUCHTHAVENS )

35 DE COMMISSIE KOMT OP TEGEN DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF OP ALLE POSTEN VAN CATEGORIE 8 MET UITZONDERING VAN DE GEMEENTELIJKE WONINGBOUW . MET BETREKKING TOT DE WONINGSECTOR STELT DE COMMISSIE, DAT DE ONGEDIFFERENTIEERDE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF OP DE GEHELE SECTOR, ONGEACHT DE AARD VAN DE BETROKKEN WONINGEN, IN STRIJD IS MET DE EERSTE VOORWAARDE VAN ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, VAN DE TWEEDE RICHTLIJN, DAAR DE BETROKKEN MAATREGEL NIET IN VERHOUDING STAAT TOT DE DOELSTELLINGEN VAN HET SOCIALE HUISVESTINGSBELEID VAN HET VERENIGD KONINKRIJK . MET BETREKKING TOT DE BEDRIJFSGEBOUWEN, DE BOUW IN DE COLLECTIEVE SECTOR EN DE WEG – EN WATERBOUWKUNDIGE WERKEN MEENT DE COMMISSIE, DAT DE EVENTUELE VOORDELEN VOOR DE EINDVERBRUIKER ZO VER VERWIJDERD LIGGEN DAT NIET WORDT VOLDAAN AAN DE TWEEDE VOORWAARDE VAN ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE .

36 MET BETREKKING TOT WONINGEN KUNNEN DE ARGUMENTEN VAN DE COMMISSIE NIET WORDEN AANVAARD . DE MAATREGELEN DIE HET VERENIGD KONINKRIJK HEEFT VASTGESTELD TER UITVOERING VAN ZIJN SOCIALE-HUISVESTINGSBELEID, DAT EROP GERICHT IS ZOVEEL MOGELIJK MENSEN IN STAAT TE STELLEN EIGENAAR TE WORDEN VAN HUN EIGEN WONING, ZIJN INGEGEVEN DOOR “REDENEN VAN SOCIAAL BELANG” IN DE ZIN VAN ARTIKEL 17, LAATSTE STREEPJE, VAN DE TWEEDE RICHTLIJN .

37 HET VERENIGD KONINKRIJK HEEFT LAATSTGENOEMDE BEPALING DAN OOK NIET GESCHONDEN DOOR ZOWEL VOOR DE GEMEENTELIJKE ALS VOOR DE PARTICULIERE WONINGBOUW HET NULTARIEF TOE TE PASSEN OP DE ONDER CATEGORIE 8 VALLENDE ACTIVITEITEN .

38 DE IN CATEGORIE 8 GENOEMDE ACTIVITEITEN MET BETREKKING TOT HET OPTREKKEN VAN BEDRIJFSGEBOUWEN, DE BOUW IN DE COLLECTIEVE SECTOR EN DE WEG – EN WATERBOUWKUNDIGE WERKEN KUNNEN EVENWEL NIET WORDEN GEACHT TEN BEHOEVE VAN DE EINDVERBRUIKER TE ZIJN VERRICHT .

39 BIJGEVOLG HEEFT HET VERENIGD KONINKRIJK, DOOR HET NULTARIEF TOE TE PASSEN OP DIENSTEN OP HET GEBIED VAN HET OPTREKKEN VAN BEDRIJFSGEBOUWEN, DE BOUW IN DE COLLECTIEVE SECTOR EN DE WEG – EN WATERBOUWKUNDIGE WERKEN, ZICH SCHULDIG GEMAAKT AAN DE DOOR DE COMMISSIE GESTELDE NIET-NAKOMING .

F – GROEP 17 – KLEDING EN SCHOEISEL

40 DE COMMISSIE STELT, DAT DE LEVERING VAN DEZE PRODUKTEN AAN WERKGEVERS TEN BEHOEVE VAN HUN PERSONEEL NIET VOOR TOEPASSING VAN HET NULTARIEF IN AANMERKING KOMT, DAAR DEZE PRODUKTEN NIET KUNNEN WORDEN AANGEMERKT ALS “INPUTS” IN DE PRODUKTIEKETEN VAN PRODUKTEN WAARVOOR HET NULTARIEF GELDT .

41 HET VERENIGD KONINKRIJK ANTWOORDT DAAROP, DAT DEZE PRODUKTEN OP ZICH ZELF EN NIET ALS ONDERDEEL VAN EEN PRODUKTIEPROCES MOETEN WORDEN BESCHOUWD . DE WERKGEVER MOET ZIJNS INZIENS WORDEN AANGEMERKT ALS EINDVERBRUIKER VAN DE BETROKKEN GOEDEREN .

42 GELET OP HET VOORGAANDE MOET WORDEN GEOORDEELD, DAT DEGENEN AAN WIE DEZE GOEDEREN WORDEN GELEVERD, NIET ALS EINDVERBRUIKERS KUNNEN WORDEN BESCHOUWD .

43 VASTSTAAT DUS, DAT HET VERENIGD KONINKRIJK OP DIT PUNT ZIJN VERPLICHTINGEN NIET IS NAGEKOMEN .

44 UIT HET VOORGAANDE VOLGT DAT HET VERENIGD KONINKRIJK, DOOR DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF VAN DE BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE VOOR DE HIERVOREN GENOEMDE GROEPEN GOEDEREN EN DIENSTEN TE HANDHAVEN, INBREUK HEEFT GEMAAKT OP RICHTLIJN 77/388 EN BIJGEVOLG ZIJN VERPLICHTINGEN KRACHTENS HET EEG-VERDRAG NIET IS NAGEKOMEN .

Beslissing inzake de kosten


KOSTEN

45 INGEVOLGE ARTIKEL 69, PARAGRAAF 2, VAN HET REGLEMENT VOOR DE PROCESVOERING MOET DE IN HET ONGELIJK GESTELDE PARTIJ IN DE KOSTEN WORDEN VERWEZEN . AANGEZIEN HET VERENIGD KONINKRIJK OP DE MEESTE PUNTEN IN HET ONGELIJK IS GESTELD, DIENT HET IN DE KOSTEN TE WORDEN VERWEZEN .

Dictum


HET HOF VAN JUSTITIE,

RECHTDOENDE, VERSTAAT :

1 ) DOOR DE TOEPASSING VAN HET NULTARIEF VAN DE BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE TE HANDHAVEN VOOR

– LEVERINGEN VAN WATER EN DIENSTEN OP HET GEBIED VAN DE RIOLERING ( LEGEN VAN BEERPUTTEN EN SEPTIC TANKS ), GENOEMD IN GROEP 2 VAN BIJLAGE 5 BIJ DE VALUE ADDED TAX ACT 1983, VERRICHT TEN BEHOEVE VAN DE INDUSTRIE, VOOR ZOVER ZIJ NIET TEN GOEDE KOMEN AAN EINDVERBRUIKERS,

– DIENSTEN OP HET GEBIED VAN DE NIEUWSVOORZIENING, GENOEMD IN GROEP 6, VOOR ZOVER ZIJ NIET AAN EINDVERBRUIKERS WORDEN VERLEEND,

– LEVERINGEN VAN BRANDSTOFFEN EN ENERGIE, GENOEMD IN GROEP 7, EN VAN VEILIGHEIDSLAARZEN EN -HELMEN, GENOEMD IN GROEP 17, VOOR ZOVER ZIJ NIET AAN EINDVERBRUIKERS WORDEN VERRICHT,

– LEVERINGEN VAN DE GOEDEREN EN DE DIENSTEN GENOEMD IN GROEP 8, IN HET KADER VAN DE BOUW VAN BEDRIJFSGEBOUWEN, DE BOUW IN DE COLLECTIEVE SECTOR EN DE WEG – EN WATERBOUW, VOOR ZOVER ZIJ NIET AAN EINDVERBRUIKERS WORDEN VERRICHT,

HEEFT HET VERENIGD KONINKRIJK VAN GROOT-BRITTANNIE EN NOORD-IERLAND INBREUK GEMAAKT OP DE BEPALINGEN VAN RICHTLIJN 77/388 VAN DE RAAD VAN 17 MEI 1977 EN IS HET BIJGEVOLG ZIJN VERPLICHTINGEN KRACHTENS HET EEG-VERDRAG NIET NAGEKOMEN .

2 ) HET BEROEP WORDT VOOR HET OVERIGE VERWORPEN .

3 ) HET VERENIGD KONINKRIJK WORDT VERWEZEN IN DE KOSTEN VAN DE PROCEDURE .

ECLI:EU:C:1988:321