De Belastingdienst mag naar het oordeel van de geheimhoudingskamer van Rechtbank Zeeland West Brabant anoniem procederen in zaak tegen soevereinen bij geweldsdreiging.
De Belastingdienst heeft een verzoek om geheimhouding (art 8:29 Awb) gedaan, door de Belastingdienst ook aangeduid als verzoek anoniem procederen. De reden hiervoor is dat is gebleken dat als gevolg van fiscale correcties bij burgers die het soevereine gedachtegoed volgen, namen van medewerkers van de Belastingdienst op internet (onder andere via Facebook) worden verspreid. Ook worden namen van medewerkers opgezocht op het internet om op privé-accounts bedreigingen te uiten. De AIVD heeft dit ook gesignaleerd in haar Fenomeenanalyse soevereinbeweging in Nederland ‘Met de rug naar de samenleving’ van 9 april 2024.
Belanghebbende heeft aangegeven dat zij niet akkoord gaat met geheimhouding. Zij merkt op dat de Belastingdienst al haar gegevens heeft en dat het verzoek van de inspecteur daar haaks op staat.
De geheimhoudingskamer heeft besloten een mondelinge behandeling achterwege te laten, omdat een behandeling ter zitting in dit geval naar het oordeel van de geheimhoudingskamer niet geschikt is om het verzoek om geheimhouding van de Belastingdienst te behandelen. Bij het geheimhouden van (delen van) op de zaak betrekking hebbende stukken moet de grootst mogelijke terughoudendheid wordt betracht. Slechts indien de door de Belastingdienst voor geheimhouding aangevoerde redenen zwaarder wegen dan het belang van belanghebbende bij onbeperkte kennisneming van (delen van) de op de zaak betrekking hebbende stukken, is sprake van gewichtige redenen die geheimhouding rechtvaardigen. De geheimhoudingskamer heeft de mandaatbesluiten onderworpen aan een afweging van het belang van belanghebbende bij onbeperkte kennisneming van de namen van de personen die namens de Belastingdienst ter zitting zullen optreden tegenover het belang van de Belastingdienst om deze namen geheim te houden. De geheimhoudingskamer ziet geen direct belang voor belanghebbende om kennis te nemen van de mandaatbesluiten en daarmee dus van de namen van de personen die namens de Belastingdienst zullen optreden ter zitting. Het belang van deze personen bij anonimiteit in deze specifieke procedure weegt naar het oordeel van de rechtbank aanzienlijk zwaarder dan enig gesteld belang van belanghebbende. Belanghebbende heeft geen processueel belang of materieel belang aangevoerd bij kennisneming van de gegevens van de inspecteur(s) die ter zitting van de hoofdkamer zullen optreden. De geheimhoudingskamer wijst het verzoek om geheimhouding van de mandaatbesluiten toe.
De Belastingdienst mag naar het oordeel van de geheimhoudingskamer anoniem procederen in deze zaak.
Bron: ECLI:NL:RBZWB:2025:4019