HvJ 19-03-2009 Commissie-Finland C-10/08

Finse vlag in de vorm van Finland

HvJ Commissie-Finland arrest

Finland mag niet toestaan dat de motorrijtuigenbelasting wordt afgetrokken van de btw.

Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 19 maart 2009.

Door toe te staan dat de belasting van artikel 5 van wet nr. 1482/1994 over de motorrijtuigenbelasting [autoverolaki (1482/1994)] van 29 december 1994 overeenkomstig artikel 102, eerste alinea, punt 4, van wet nr. 1501/1993 betreffende de belasting over de toegevoegde waarde [arvonlisäverolaki (1501/1993)] van 30 december 1993 wordt afgetrokken van de belasting over de toegevoegde waarde, is de Republiek Finland de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 90, eerste alinea, EG en artikel 17, leden 1 en 2, van de Zesde richtlijn (77/388/EEG) van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting – Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag, thans opgenomen in de artikelen 167 en 168 van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde.
Door bij de motorrijtuigenbelasting voor voertuigen van minder dan drie maanden oud dezelfde belastbare waarde te hanteren als voor nieuwe voertuigen, is de Republiek Finland de verplichtingen niet nagekomen die krachtens artikel 90, eerste alinea, EG op haar rusten.

Commissie van de Europese Gemeenschappen tegen Republiek Finland.

Belastingheffing in Finland op uit andere lidstaten ingevoerde gebruikte voertuigen – Overeenstemming van nationale regeling met artikel 90, eerste alinea, EG, Zesde btw-richtlijn en richtlijn 2006/112/EG.

Zaak C-10/08.

De volledige tekst van deze zaak is alleen beschikbaar in het Frans en Fins.

ECLI:EU:C:2009:171