Artikel 287
De lidstaten die na 1 januari 1978 zijn toegetreden, kunnen een vrijstelling van belasting toekennen aan belastingplichtigen met een jaarlijkse omzet die ten hoogste gelijk is aan de tegenwaarde in de nationale munteenheid van de volgende bedragen tegen de op de dag van hun toetreding geldende omrekeningskoers:
| 1) |
Griekenland: 10 000 Europese rekeneenheden; |
| 4) |
Oostenrijk: 35 000 ecu; |
| 11) |
Litouwen: EUR 29 000; |
| 12) |
Hongarije: EUR 35 000; |
| 13) |
Malta: EUR 37 000 wanneer de economische activiteit voornamelijk bestaat uit goederenleveringen, EUR 24 300 wanneer de economische activiteit voornamelijk bestaat uit diensten met een lage toegevoegde waarde (hoge inputs), en EUR 14 600 in andere gevallen, namelijk diensten met een hoge toegevoegde waarde (lage inputs); |
| 15) |
Slovenië: EUR 25 000; |
| 16) |
Slowakije: EUR 35 000. |