Verslag 42e VAT Expert Group-bijeenkomst 13 maart 2026: Implementatie ViDA-pakket
Tijdens de 42e bijeenkomst van de VAT Expert Group (VEG) op 13 maart 2026 stond de verdere implementatie van het VAT in the Digital Age (ViDA)-pakket centraal. De Europese Commissie en de experts hebben zich voornamelijk gebogen over de concept-toelichtingen (Explanatory Notes) van drie kernonderdelen van dit pakket.
Ten eerste is de platformeconomie uitgebreid besproken. De leden vroegen om meer concrete voorbeelden, met name met betrekking tot ketentransacties en de validatieverplichtingen van btw-nummers door platforms (inclusief een ‘safe harbour’-principe). Een cruciaal juridisch discussiepunt vormt de afbakening tussen het ‘deemed supplier regime’ (DSR) en de reisbureauregeling (TOMS). Hierbij werd expliciet stilgestaan bij de interpretatie van artikel 28 en 28a van de Btw-richtlijn (“handelen op eigen naam”), onder directe verwijzing naar de relevante jurisprudentie van het Hof van Justitie in de zaak Fenix International (C-695/20).
Ten tweede stonden de Single VAT Registration (SVR) en de OSS-richtlijnen op de agenda voor de aankomende wijzigingen per 1 januari 2027. De Commissie benadrukte dat het momenteel gaat om technische updates, vooruitlopend op de omvangrijkere herziening die in juli 2028 van kracht wordt.
Ten derde is het tweede concept van de Digital Reporting Requirements (DRR) en e-invoicing behandeld. Er leven bij de experts nog veel vragen over de wisselwerking tussen e-invoicing en de rapportageverplichtingen, de behandeling van hybride facturen bij intracommunautaire leveringen, grensoverschrijdende interoperabiliteit en de sanctiecriteria in de overgangsfase.
Onder het kopje ‘Overige Zaken’ werd een belangrijke verduidelijking gegeven over de CBAM-certificaten: de aanschaf hiervan wordt niet gelijkgesteld aan heffingen die in de btw-maatstaf van heffing bij invoer moeten worden opgenomen, aangezien CBAM een regulerende marktmaatregel is en geen opbrengst genererende belasting. Tot slot overweegt de Commissie om de verleggingsregelingen van artikel 199a en 199b van de Btw-richtlijn nog voor het einde van het jaar te verlengen.
Bron: Europese Commissie